Column Clementie: Opgeruimd
De wekelijkse column van Raymond Clement. Deze week: Opgeruimd
In de categorie; is het nu nooit goed? De hele wereld beziet met grote bewondering de Japanse voetbal supporters. Geen supporters die vernielend een spoor van rotzooi achterlaten, ondertussen een melange van urine en bierlucht verspreidend. Neen, de Japanse supporter staat bekend om zijn opgeruimde gedrag. Letterlijk. Na elke wedstrijd gespeeld door het Japanse elftal lopen de supporters vlijtig met blauwe afvalzakken langs de banken, om de tribunes opgeruimd achter te laten.
Die opgeruimdheid geldt voor voor enkele Roda supporters. Ook zij ruimden op, maar de directie had toch liever de banken in de tribunes gelaten. ‘Dat is nu eenmaal onze cultuur’ laat een Japans woordvoerder weten. Japanners vinden het belangrijk om nergens troep achter te laten en samen schoon schip te maken. ‘Denk maar terug aan Pearl Harbour’ laat de Japanse keizer tijdens zijn bezoek Willem Alexander weten, ‘toen hebben we de Amerikaanse Marine ook aardig opgeruimd. Was niets meer van te zien’. Voor straf moest de keizer samen met zijn echtgenote naar de wedstrijd Nederland-Japan kijken. Samen met Maxima en de poedel Mambo. Veel wereldleiders, zowel historisch en hedendaags hadden honden. Churchill had een Bulldog, Poetin kreeg j.l. van de Noord Koreaanse Un, twee zeldzame Pungsan honden, Macron heeft een zwarte labrador met de veelzeggende naam, Nemo. Hitler had een herdershond. Onze koning een poedel, mambo. Wat zal de keizer onder de indruk geweest zijn. De keizer zelf had een zeehond. Maar die is onfortuinlijk verdronken toe hij probeerde te blaffen.
‘Dat is nu eenmaal onze cultuur’, probeerde de Japanse Keizer het gesprek weer terug te brengen op het uitzonderlijk schoonmaak gedrag van zijn landsmensen. ‘Dat is fijn voor ze’ zei Willem terwijl de mosterd van zijn bitterbal gleed en een flinke vlek maakte in het hagelwitte tapijt. De kleine Mambo dook in het hoogpolig tapijt en sindsdien niet meer gezien. En wat bleek, inplaats van de Japanse supporters te roemen, klagen de Japanse vrouwen vanuit Nippon; leuk dat ze dat in het buitenland doen. Deden ze thuis maar iets meer in het huishouden. Daar gaat toch direct de rijzende zon weer van onder. Sta je in een Mexicaans stadion de banken te schrobben, vallen je eigen vrouwen in je in de rug aan. Harakiri via de ruggengraat.
Maar het tekent wel de samenleving. Het is niet goed of het deugd niet. Erkenning voor de Molukse zaak. Tegenstanders zijn tegen excuses. Nederland wil van het stikstof-slot, de boeren starten hun tractoren. Een geweldige Zuidense Hoogmis op Pinkpop, oude rockers herkennen hun festival niet meer. Laten we ons gelukkig prijzen te leven in een vrij land. Het recht om vrij te spreken. Als vrijheid tot haar uiterste wordt gerekt, leidt dit onherroepelijk tot beperking bij de ander. Aan het recht te spreken is onlosmakelijk verbonden, ook de plicht om soms te zwijgen.


