Is het d'Artagnan of niet? Eerste resultaten onderzoek skelet Wolder bekend
Het skelet dat dit voorjaar is gevonden in de kerk van Wolder is mogelijk van de beroemde musketier d’Artagnan, maar hard bewijs ontbreekt nog. De eerste onderzoeksresultaten tonen aan dat het skelet qua geslacht en leeftijd past bij de Franse musketier die in 1673 bij Maastricht sneuvelde. Toch roept het dieet van de overleden man grote vragen op bij wetenschappers.
Dat maakt de gemeente Maastricht donderdag bekend.
Onderzoek
Antropologen van hogeschool Saxion en onderzoeksbureau BAAC hebben de botten de afgelopen maanden uitgebreid onderzocht. Het gaat om een man van ongeveer 1,74 meter lang die tussen de 44 en 66 jaar oud werd. Dat komt exact overeen met d'Artagnan, die op 62-jarige leeftijd sneuvelde. Een voorwerp dat eerder werd aangezien voor een kogel, bleek na onderzoek een oude ijzeren spijker te zijn. Een koolstofdatering gaf geen uitsluitsel; de botten stammen ergens uit de periode tussen 1500 en 1900.
Voedselonderzoek
Vooral het voedselonderzoek zorgt voor grote twijfel. De man at namelijk extreem veel zeevis. De waarden in de botten wijzen eerder op een dieet uit Oost- of Zuid-Europa. Dit rijmt niet direct met d’Artagnan, die opgroeide in de Franse regio Gascogne en later in Parijs woonde. Omdat er echter weinig bekend is over wat 17e-eeuwse musketiers precies aten, kan hij nog niet definitief worden uitgesloten.
Vindplaats geeft geen garantie
Ook de vindplaats zelf biedt geen zekerheid. De man lag onder de fundering van een oude trap en niet onder het altaar, zoals eerst werd gedacht. Bovendien liggen er in en rond de kerk honderden andere soldaten uit diverse Europese landen begraven na een eerdere belegering in 1632.
Om de puzzel op te lossen, starten wetenschappers nu een DNA-onderzoek op de wortel van een kies om de exacte herkomstregio te bepalen. Mocht daar bijvoorbeeld Oost-Europa uitkomen, dan is het zeer onwaarschijnlijk dat het d’Artagnan is. Als Frankrijk een optie blijft, wordt het DNA vergeleken met dat van levende nakomelingen. Dit vervolgonderzoek duurt ongeveer zes maanden.



